CDA Dinkelland heeft opnieuw aandacht gevraagd voor de beschikbaarheid van bedrijfskavels in de gemeente. De partij vroeg de afgelopen jaren al meerdere keren vragen aan het college, specifiek aan de toenmalig wethouder. Hij gaf destijds aan dat de CDA‑fractie ‘een broedende kip niet moest storen’.
Nu de antwoorden binnen zijn, concludeert CDA Dinkelland dat het tijd wordt dat de kip van het nest komt. Uit de beantwoording blijkt dat er in de verzorgingskernen Denekamp, Weerselo en Ootmarsum de komende jaren een duidelijke behoefte is aan extra bedrijfskavels. Het gaat om ongeveer 2 hectare in Weerselo en Ootmarsum en 3 tot 4 hectare in Denekamp. In 2026 worden de regionale programmeringsafspraken geactualiseerd, waarbij de behoefte opnieuw wordt doorgerekend.
CDA‑raadslid Guus Tijdhof reageert: ‘’Het is goed dat de behoefte nu opnieuw in beeld is, maar ondernemers kunnen niet bouwen op rapporten alleen. Zij hebben ruimte nodig.’’ Het college geeft aan dat in Weerselo en Ootmarsum al gronden in eigendom zijn en dat de ruimtelijke procedures lopen. Naar verwachting kunnen vanaf medio 2027 weer kavels worden uitgegeven. In Denekamp is recent overeenstemming over grondverwerving bereikt. Daar starten de voorbereidingen in 2026.
‘’Het is positief dat er stappen worden gezet. Tegelijkertijd is 2027 nog ver weg’’, concludeert Tijdhof. ‘’Ondernemers, die willen uitbreiden of starten, lopen nu vast. Dat remt de lokale economie. Wij vragen het college alles op alles te zetten om procedures te versnellen.’’ Volgens het college wordt met de geplande uitbreidingen in Weerselo en Ootmarsum grotendeels in de behoefte voorzien. Voor Denekamp lijkt de verworven 10 hectare voldoende voor de langere termijn.
Geen ‘foel’ ei
De CDA-fractie wil voorkomen dat de gemeente over een paar jaar achter de feiten aanloopt. ‘’De gemeente moet proactief blijven kijken naar toekomstige ruimte en tijdig nieuwe locaties veiligstellen’’, vindt Tijdhof. ‘’Een broedende kip is prima, maar een ‘foel ei’ moeten we niet willen.’’
CDA Dinkelland benadrukt dat ondernemers cruciaal zijn voor de leefbaarheid en werkgelegenheid in de kernen en het buitengebied. Daarom blijven zij het college volgen en vragen zij om regelmatige updates richting de raad.













