Kinderen hebben een Palmpoaske gekregen.
Met ouders hebben ze krenten en rozijnen geregen.
De broodhaan kraait Palmzondag op stok en rad.
Zingend trekt de palmpaasoptocht door onze stad.
Paaszaterdag betekent paashout halen, zoals men weet.
Drie wagens met elk twee paarden vormen de magneet.
Knisperende hoepels verklappen dat de karren komen.
Kippenvel zorgt dat het centrum vol gaat stromen.
Paastradities weten Oatmössche tot decor te maken.
Het gezang van de Rondgang laat de stad ontwaken.
Vlöggeln gaat om stiepels en door straten.
De Poaskearls houden het paasvuur in de gaten.
Paasgebruiken zijn een weerklank uit het verleden.Koningsdag en Bevrijdingsdag komen binnentreden.
Hemelvaartsdag betekent vroeg uit de veren.
Dauwtrappen en bij cafés afstappen, diverse keren.
Tien dagen later wordt in vurige tongen geloofd.
Met Pinksteren wordt de paaskaars gedoofd.
Festivalmuziek en motorgeronk klinken luid.
Zo wordt de komende zomerbelofte aangeduid.